
Ik ken buitenlandse zakenmensen in Moskou die minimaal 15.000 euro per maand verdienen en wonen in de prachtigste penthouses. Toch zijn sommige dolblij als ze Rusland na 3 of 4 jaar kunnen verlaten. ‘Hoe kun je hier nou normaal leven?!’, hoorde ik laatst nog op een afscheidsfeestje.
Geld is inderdaad niet het belangrijkste om hier te slagen. De Russische taal kennen helpt een beetje meer. Wat echt goed helpt? Heel simpel: overal de humor van in zien. En ook: leergierig zijn.
Je moet vooral niet gestresst raken als iets niet volgens plan verloopt of heel lang duurt. Wat heel vaak (=meestal) het geval is in Rusland. Elke dag is het hier een feest van verrassingen, zo moet je het beleven.
Voorbeeld: terug van een zakenreis in St. Petersburg merk je thuis dat je je rode laarzen in de coupé hebt laten liggen (dit overkwam onlangs mijn vrouw). Wat doe je? Uiteraard terug naar het station, in dit geval het Leningrad station (foto: de zon schijnt op het marmeren hoofd van Lenin).

Misschien zijn ze wel gevonden! Of is de trein nog niet teruggekeerd naar St. Petersburg.
13:00 In de enorme stationshal verwijst een bewaker je naar de informatiebalie bij Kassa-1. Gelukkig, hier zit een aardige mevrouw die naar ons verhaal luistert en dan vriendelijk zegt: ‘U moet naar het Inlichtingen Bureau aan de andere kant van de hal.’ (Foto; Spravotsjnoje Bjoero.)

13:30 Daar aangekomen staat er – natuurlijk – een rij voor het loket. Als je niet weet hoe het in Rusland werkt, ga je daar braaf achter staan. Maar ervaring leert: altijd even vragen (en voordringen) aan het loket waar de rij toe dient. Het klopt: dit is de rij om brieven en pakketjes af te geven.
‘Informatie? Het andere loket, daar!’, klinkt er streng.
Wat een geluk; daar staat geen rij. We zijn meteen aan de beurt. Weer het verhaal over de rode laarzen. Reactie: ‘Gaat u naar buiten, naar het perron. Daar is het loket van de stationswacht.’
14:00 Ja! Er is op het perron een dienstdoende beambte (dezjoerny) voor treinreizigers. Helaas zit de deur van dit loket potdicht (foto). Het is slechts 4 uur per dag open: van 09:00-10:00, 12:00-13:00, 17:00-18:00 en 21:00-22:00. We druipen dus af, maar: hoogste tijd voor een lekkere cappuccino.

17:15 Paar uur later: hier zijn we weer, terug bij het dezjoerny-loket op het station. De beambte heeft goed nieuws: de trein is er nog en de laarzen zijn er waarschijnlijk ook. ‘U kunt zelf naar de trein toe gaan als u wilt.’ Oh, wat een prachtig nieuws, nauwelijks te geloven.
17:30 Waar de trein is? ‘Die staat 5 kilometer verder op. U kunt er naar toe wandelen, volg gewoon de spoorrails. De conducteurs logeren in de trein; u kunt op de deur van uw wagon kloppen. Wat? Wilt u niet?! Dan moet u hier om 23:30 naar het station komen, uw trein gaat dan retour St. Petersburg.’
23:20 We gaan weer naar het station. De trein staat er al. We lopen naar wagon 7. Onze conductrice – provodnitsa; elke wagon hier heeft zijn eigen conducteur – staat buiten al op het perron in vol ornaat. Ze ziet ons aankomen en roept: ‘Krasniye zapagi! Uw rode laarzen! Ik hoopte al dat u zou komen. Wacht even, ik haal ze meteen, ik heb ze apart gezet.’
Als dank geven wij haar een doos bonbons. De conductrice is er zo blij mee dat wij er ook blij van worden. ‘Dank u wel. Dit had u echt niet hoeven doen. Ik doe gewoon mijn werk.’
Geen opmerkingen:
Een reactie posten